WTC DE LEDECROSSERS
Les Trois Ballons Master 205 km



Met 7 Ledecrossers staan we klaar om de lange afstand (205km) van “Les Trois Ballons” aan te vatten. Dirk, Pierre, Emiel en Hans Jurgen hebben reeds ervaring met cyclosportieven na hun deelname aan de Marmotte. Voor Kurt B, Kurt V en mij is het rijden tegen de klok een nieuwe ervaring.

Na de onverstaanbare toespraak van de organisator weerklinkt omstreeks 7u30 het verlossende startschot. Meer dan 2000 wielertoeristen zetten zich langzaam in beweging en na enkele minuten rijden ook wij over de startmat. Het korte signaal van de chip geeft aan dat het nu echt begonnen is. De zon doet pogingen om door het wolkendek te breken en het is bijna windstil, ideale omstandigheden dus.



De eerste 10km richting Ballon de Servance gaan vals plat omhoog en het tempo wordt meteen de hoogte ingejaagd. Pierre en Hans Jurgen schuiven naar voor in een van de pelotons, ik houd me samen met Kurt B, Kurt V en Emiel wat achteraan. Dirk R start iets rustiger en zit op korte afstand in een volgende groep. Mijn kilometerteller piekt geregeld boven de 35 en eigenlijk is dit te snel om goed te zijn. Maar in de grote groepen word je als het ware meegezogen en denk je er niet aan om in te houden.



Na een tiental km beginnen we aan de eerste beklimming van wat belooft een lange dag te worden. De Ballon de Servance is een ongelijkmatige klim van ongeveer tien km. Een viertal km schommelt het gemiddelde stijgingspercentage tussen de 8 en 10% met maxima van 15%. We hadden deze helling twee dagen op voorhand al verkend en wisten dus wat ons daar te wachten stond. Het smalle weggetje kronkelt in een schitterend decor naar boven maar veel tijd om te genieten heb je daar niet. In de grote groepen moet je steeds geconcentreerd rijden om niet ten val te komen.

Hans Jurgen en Pierre zijn vrij snel verdwenen in de massa en halfweg de klim komt Dirk R ons (Kurt B, Emiel en mij) voorbijgereden. Boven op de top nemen we even de tijd om een windstopper aan te trekken want de gevoelstemperatuur in de afdalingen ligt toch vrij laag. Kurt V beslist hier om de korte afstand te rijden omdat hij niet over de beste benen beschikt.



Samen met Emiel en Kurt B vat ik de vrij gevaarlijke afdaling aan. Na een vijftal km sta ik echter al aan de kant, mijn achterband is ontploft en er zit niets anders op dan die te vervangen. Enkele seconden later flitsen Kurt en Emiel voorbij die nog naar mij roepen, ik zou hen enkel terugzien aan de aankomst, 180km verder. Na tien minuten ligt mijn nieuwe band erop en kom ik terecht in tragere groepen. Niemand rijdt echt mijn tempo en de volgende 40km sta ik er dan ook grotendeels alleen voor. In dit deel van de rit worden de Col du Ménil en Col d’Oderen beklommen, twee korte en minder steile hellingen. Hier voel ik wel dat mijn achterband niet op de gewenste spanning staat maar met mijn klein fietspompje valt hieraan weinig te verhelpen.



Vlak voor het begin van de Grand Ballon kom ik bij een Nederlander en twee Denen terecht met wie ik samen naar boven rijd. De top van de Grand Ballon vormt met zijn 1325m het dak van de rit. De klim verloopt in verschillende trappen, eerst wordt de Col de Bramont opgereden en na een korte afdaling de Col du Herrenberg. Vervolgens gaat het 15km golvend op en neer maar in de open vlakte boven staat de wind pal tegen en het is dus zaak om in een goed groepje terecht te komen. Op het einde gaat het nog anderhalve km steil omhoog (8% gemiddeld) en zo wordt de uiteindelijke top van de Grand Ballon bereikt. Ik neem rustig mijn tijd aan de bevoorrading om te eten, te drinken en vooral te bekomen van de geleverde inspanningen. De eenzame kilometers en de lange beklimming van de Grand Ballon hebben redelijk wat van mijn energie gevergd. Boven kan ik ook een goede fietspomp gebruiken van een wielertoerist uit Maarkedal en zo krijg ik mijn achterband toch op de gewenste spanning.



De afdaling van de Grand Ballon is snel en na 15km komen we al aan de voet van de volgende helling, de Hundsruck. Deze klim is maar een vijftal km lang maar stijgt voortdurend aan 7 à 8%. Ik vind hier vrij snel het goede ritme en in het spoor van een Nederlander ga ik vlot omhoog. Ik hoop dan ook de volgende helling (Ballon d’Alsace) vlot te verwerken maar niets is minder waar. Op deze 9km lange klim krijg ik het enorm lastig en als ik uiteindelijk de top haal, denk ik eraan om beneden aan de camping te stoppen en de slotklim te laten voor wat hij is.



Na de afdaling, die ik gebruik om goed te recupereren, volgt een lang stuk vals plat bergaf richting Champagney. Ik kom terecht in een groepje van een man of 10 die constant 35 à 40 rijden. Ik pik vanachter aan en neem sporadisch eens over wanneer het tempo dreigt te zakken. Even voor Champagney liggen enkele korte maar pittige klimmetjes waarop de groep volledig uiteen spat. Tot mijn grote verbazing blijk ik een van de sterkste te zijn en samen met nog een Belg rijd ik naar de bevoorrading in Champagney. Het betere gevoel tijdens de laatste 20km heeft mij overtuigd om toch richting slotklim te rijden en aan de bevoorrading neem ik rustig mijn tijd om nog eens goed bij te tanken.



Na de stop rijd ik samen met een Antwerpenaar tegen rustig tempo naar de klim. De eindtijd speelt voor ons beiden geen rol meer en we nemen de tijd om een praatje te slaan. Ondertussen halen we ook iemand in van Herzele die bij ons aanpikt. Met drie Belgen rijden we zo naar de Planche des Belles Filles, een helling die veel minder aantrekkelijk is dan de naam doet vermoeden. De klim is 5,6km lang en de eerste km gaat het meteen aan 11,3% gemiddeld bergop. In deze kilometer moet ook een vrij lang stuk van 20% overwonnen worden. De tweede kilometer is er eentje van 10,5% en enkel in het laatste stuk dalen de percentages naar 7%.

Aan de voet schakel ik meteen naar mijn kleinste versnelling en wens ik mijn kompanen succes. De laatste kilometers worden een echte lijdensweg maar iedereen ziet hier enorm af. Op het steilste stuk rijd ik nog 7 km/u maar velen rijden zelfs nog trager dan mij. Op twee km van de top houd ik even halt om te drinken. Boven op de Grand Ballon is mijn voorste drinkbushouder immers afgebroken en al zwoegend op de slotklim is het bijna onmogelijk om aan mijn achterste bidon te geraken. Na deze korte stop leg ik de laatste twee km af en ik bereik de top na 9u 54min wat mij zilver oplevert. Ik ben enorm tevreden en ook wel trots op mezelf dat ik de finish heb gehaald ondanks mijn beperkte voorbereiding en de pech die ik al vroeg gekend heb.



De andere Ledecrossers hebben de finish al een hele tijd bereikt en hebben allemaal goud behaald, een schitterende prestatie! De resultaten van ons allen staan hieronder. Op de grote afstand waren er ongeveer 1800 vertrekkers en slechts 1100 hiervan haalden de finish. Dit bewijst dat zelfs het uitrijden van deze tocht een heel mooie prestatie is.

 

HomeOver onsbestuurorganisatiesstand zomerstand wintersponsorsContactfoto'sritverslagenblog